Ontstaan en geschiedenis van de club

Onder impuls van koning Leopold I werd onze yacht club gesticht op 16 april 1846 onder de benaming van "Cercle des Régates". De stichters waren één voor één pioniers over wie boekdelen kunnen geschreven worden.

Onze eerste voorzitter, Edouard Belleroche (7 april 1792), eigenaar van de "Cercle du Phare", een luxueuze instelling gebouwd rond de voet van onze eerste vuurtoren, stelde zijn lokaal ter beschikking van de leden. Daar het gebouw op de vestingen van Oostende stond en er weinig ruimte voorhanden was, kwam het secretariaat in een straat die Belleroche zelf gelegd en verkaveld had en die de verbinding verzekerde van de Geneverbrug, over de wallen, naar de stad. Deze straat kreeg de naam "Rue du Cercle" omdat het kantoor van de "Cercle des Régates" daar gevestigd was. Later werd deze naam verkeerd vertaald als "Cirkelstraat".

Edouard Belleroche werd naar Londen gestuurd als diplomaat en plaatscommandant kolonel Deladriere (1788-1855) nam zijn plaats in als voorzitter. Hij had zeven verwondingen opgelopen tijdens de veldslagen van Napoleon en hij droeg steeds zijn erelegioen.

De zeilwedstrijden, een nieuwe rage in België, werden verzekerd door de Brit James Lindsay Finch, uitbater van de "Cercle du Phare", en zijn zoon Willy Finch (1854-1930), toen nog geen kunstschilder, maar beiden verwoede zeilers. De overige bestuursleden waren officieren van onze eerste "Marine Royale" en enkele gemeenteraadsleden.

In 1853 veranderde de naam van onze vereniging in "Yacht Club d'Ostende" en de jachten werden gemeerd in het eerste en tweede handelsdok nabij de Kapellebrug. De witte jachten van die tijd hadden talrijke bemanningsleden aan boord en lagen tussen driemasters die guano aan het lossen waren en de eerste stoomschepen die kolen bunkerden. Dit was voldoende om onze toekomstige koning Leopold II in het harnas te jagen. Hij was echter niet alleen : de Luikse notaris Louis Delbouille (1825-1897) die de vestingen aan het verkavelen was, minister de Smet de Naeyer die grote plannen opzette en onze toenmalige voorzitter baron Louis de Hemptinne die zijn invloed in de weegschaal legde, waren dezelfde mening toegedaan.

In de schaduw van Leopold II werkten uitstekende architecten zoals Victor Horta (1861-1947) en Georges Hobe. Georges Hobe was geboren in Brussel op 7 januari 1854 als zoon van een meubelmaker, en begon zijn loopbaan als decorateur. Hij kreeg de opdracht een nieuw clubhuis te bouwen in de achterhaven. Het was een precaire vergunning op gronden van het bestuur van Bruggen en Wegen. Hobe werd in 1918 benoemd als gemeentelijk architect van De Panne waar hij, net zoals in Spa, talrijke mooie nieuwe villa's liet bouwen. Hij overleed in Brussel in 1936.

Hobe had één van de gebinten van het museum van de dierentuin gebruikt om het huidige clubhuis te bouwen. De totale kost bedroeg 125.000 BEF. De bouwkosten werden gedragen door inschrijvingen en obligaties door de leden van de club. Enkele oudgedienden beweerden vroeger dat de "contesse de Vauban", in het begin, de meerderheid ervan bezat. Volgens een artikel verschenen in "Le Carillon" van 14/15 juli 1906, werd ons clubhuis, met veel luister, open verklaard op 22 juli 1906.

Voor de tweede wereldoorlog was de eerste verdieping omringd door een wandelgaanderij. Die werd waarschijnlijk afgeschaft door een gebrek aan plaats, daar yachting niet meer zo elitair geworden was en dus toegankelijk was voor meer leden.

De twee wereldoorlogen brachten veel schade toe aan het gebouw, dat diende als legerlogement. De vertrekken werden als slaapplaats gebruikt voor de bemanning van de U-boten, tijdens de twee vierjarige bezettingen. Op de toren kwamen zoeklichten en licht afweergeschut. De twee vierjarige Duitse bezettingen brachten niet zoveel schade mee voor het clubhuis, maar de Engelse bezetting die daarop volgde was fataal voor alle versieringen.

RYCO jachtclub kan terecht de bakermat van het wedstrijdzeilen in België genoemd worden. Als oudste jachtclub van het land organiseerde de club elk jaar internationale zeilwedstrijden naar Dover, Ramsgate en Helgoland. De wedstrijd Oostende-Helgoland ging voort op een zeer lange traditie en werd, met tussenpauzes, georganiseerd tot in 2002. In die geschiedenis van 150 jaar kunnen roemrijke namen niet ontbreken. Eén van de beroemdste leden van de RYCO was wel Staf Versluys, die 2 maal deelnam aan de Whitebread rond de wereld race.Een van zijn schepen, de “Rucanor” ligt nog steeds in de club en werd ondertussen omgedoopt tot “Tomidi”. Tomidi zet haar traditie als lange afstands racer verder, door deel te nemen aan de Tall Sips races.Tijdens de Olympische Spelen van 1920 in Antwerpen mocht de RYCO de zeilwedstrijden organiseren, en haalde Emile Corneillie, lid van de RYCO, een gouden medaille. In 1985 nog werd de RYCO kampioen van België.

Koning Albert I verleende onze club op 5 juni 1910 de toelating om de titel van "Royal Yacht Club d'Ostende" te dragen.

In 1944 werd overdreven gebaggerd aan de kaai van de toenmalige Tilbury boten, voor het lossen van de geallieerde transportschepen (Antwerpen was toen nog niet bevrijd) en daardoor zakte de zuidkant van ons clubhuis 10 cm. Dit gebouw werd namelijk gebouwd op opgevulde grond van de spuikom gelegen achter de "Franse sluis". Deze laatste bevond zich ter hoogte van de thans afgedankte zeevaartschool. In 1970 begaven enkele eiken damplanken aan de voet van onze kaaimuur en ons gebouw zakte opnieuw 5 cm aan de zuidkant. Geen paniek echter, alles is verstevigd.

In 1974 werden onze statuten in het Nederlands vertaald en het Nederlands werd stilaan de omgangstaal. Door de toenmalige voorzitter Robert Ouvry werden in de jaren '80 stappen ondernomen om het clubgebouw te laten klasseren. Dit werd ons echter afgeraden omdat er plannen werden gemaakt voor het bouwen van een nieuwe zeesluis, waardoor de RYCO zou moeten verhuizen naar een andere lokatie. De plannen voor de zeesluis gingen niet door en onder het voorzitterschap van Jean Paul Mestdagh werd het clubgebouw dan toch geklasseerd (19/02/2002). Op 01/03/2005 is dan gestart met de vernieuwing van de pontons, werken die ons reeds jaren beloofd waren.

Vandaag is de RYCO een bloeiende club met een mix van plezierzeilers en sportvissers. Jaarlijks organiseren zij de belangrijkste evenementen voor sportvissers aan onze kust. Voor de zeilers worden elk jaar oefenwedstrijden ingericht, waar met veel enthousiasme en sportiviteit aan wordt deelgenomen. Daarnaast steekt de RYCO ook een handje toe bij de organisatie van de wedstrijden binnen het kader van het Open Noordzeekampioenschap, samen met de RNSYC en de Blankenbergse Scarphout Yacht Club.




©2012 - RYCO - WebOntwerp Kris